Wij brengen regelmatig het laatste nieuws over incasso en debiteurenbeheer. Ook geven wij aan wat dit kan betekenen voor u.
11 aug 2010
Iedereen heeft schulden, zowel grote als kleine
De deurwaarder is niet vaak welkom. Maar tegenwoordig wel veel vaker actief. Een dagje meelopen met Michèl Verlaek van Flanderijn en God in Tilburg.
Door: Wouter ter Haar
Voor haar is het bezoek van de deurwaarder allerminst een verrassing. Ze keurt de Tilburgse gerechtsdeurwaarder Michèl Verlaek dan ook geen blik waardig. „Het is voor mijn zoon”, is alles wat ze zegt. En zoonlief verschijnt in ontbloot bovenblijf aan de voordeur van een rijtjeswoning in Heusden. Verlaek overhandigt hem de papieren waarin aangekondigd wordt dat de hypotheekverstrekker van de man een loonbeslag legt omdat er een restschuld is van 180.000 euro. De man verblikt of verbloost er niet van. „ Die verrekte schooiers bij die bank”, is alles wat hij zegt.
Voor Michèl Verlaek, werkzaam bij Flanderijn en God in Tilburg, is het huisbezoek een een-tweetje.
„Tegenwoordig zie je steeds vaker dat mensen scheiden en met een flinke restschuld op hun hypotheek achterblijven. En steeds vaker lukt het ze niet meer om die af te betalen. Dan krijg je dergelijke maatregelen van banken. Dat lijkt inderdaad nogal hard, maar een bank kan toch niet anders? Die moeten ook zorgen dat het geld binnenkomt. Ik ben er slechts voor om schuldenaars die boodschap te overhandigen.”
Michèl Verlaek (47) is al bijna twintig jaar als gerechtsdeurwaarder actief. Hij is als vestigingsmanager de opvolger van Lou God, die 33 jaar actief was in Tilburg. Vier jaar geleden kwam het kantoor in handen van Flanderijn en werd Verlaek de vestigingsmanager. Zijn werkgebied is alles binnen de cirkel Breda, Eindhoven, Waalwijk, Tiel en de Belgische grens. Het meest is hij actief in de regio Tilburg. Vandaag doet hij een rondje groot-Tilburg. Hij brengt ‘slechts’ tien stukken weg; normaal zijn dat er zo’n stuk of vijftig. Het is wel het gebruikelijke werk: dagvaardingen om voor de rechtbank te verschijnen, dwangbevelen, ontruimingsaanzeggingen en loonbeslagen. Ook doet hij nog een paar niet-ambtelijke bezoeken. Daarbij informeert hij als incasseerder naar de redenen waarom schulden niet worden betaald. Incasso is eveneens een belangrijke tak van Flanderijn en God.
„Schuldeisers gaan steeds vaker en sneller over tot het inschakelen van incassobureaus. Die schieten ook als paddenstoelen uit de grond. Wij proberen het altijd zo lang mogelijk in der minne te schikken, maar dat lukt helaas niet altijd. En dan moet de gerechtsdeurwaarder aan de slag.”
Het ritje gaat langs particulieren met schulden van een paar tientjes tot vele tienduizenden euro’s. Maar hij doet ook een cafébaas aan die geen premies aan het pensioenfonds heeft betaald en bezorgt scheidingspapieren voor één van de cliënten van een Tilburgs advocatenkantoor.
„Iedereen heeft schulden. Verdien je veel dan heb je grote schulden en als je niet zoveel hebt, zijn het vaak kleine schulden. Op zich zijn schulden niet erg, maar in iedere sociale laag zie je dat er mensen in financiële problemen komen. Dat is ook van alle tijden, maar de laatste tijd neemt het wel flink toe.”
Verlaek hoeft bij de woning in Drunen niet aan te bellen. De bewoners zitten in de deuropening op de stoep. Ze hadden de deurwaarder al verwacht. Reden van zijn bezoek is een niet-betaalde energierekening van 1600 euro.
„Een schrijnend geval. Dochter aan de drugs met veel schulden. Ze hebben gelukkig al afspraken bij de gemeentelijke kredietbank.” De deurwaarder heeft weet van zoals hij het typeert - vooroordeel over zijn professie. „Ik kom om een vonnis ten uitvoer te leggen en ik ben niet van de felicitatiedienst. Ik ben vaak een slechte boodschapper, maar dat wil niet zeggen dat ik hardvochtig ben.
Ook schuldenaren zijn mensen van vlees en bloed, al hebben ze zich wel vaak zelf in hun netelige positie gebracht. Maar ik streef altijd het minnelijk na. Natuurlijk heb ik machtsmiddelen, maar het is lang niet altijd noodzakelijk die te gebruiken. Uiteindelijk bepaalt de opdrachtgever hoever we gaan. Tot huisuitzettingen toe. Maar gelukkig komt het vaak niet zo ver.”
Bron: